Advies

Advies A-Bis 2021-2024

In het Advies A-Bis 2021-2024 doet de kunstraad het voorstel om de A-Bis met 15 instellingen uit te breiden naar 36.

De kunstraad pleit voor een gelijkwaardig en integraal kunstenplan, met zowel topinstellingen en funderende instellingen bij het AFK als bij de kunstraad.

De samenstelling van de A-Bis is strategisch, deze sluit aan bij het landelijke beleid en is een vertaling van de beleidsprioriteiten in Amsterdam.

Het college van B en W heeft de Amsterdamse Kunstraad (AKr) op 3 juni gevraagd nog voor het zomerreces advies uit te brengen over de samenstelling van de Amsterdamse Basisinfrastructuur (A-Bis) in de periode 2021-2024. [1] Het gemeentebestuur wijst de A-Bis aan op advies van de kunstraad. Dit zal gebeuren in de Hoofdlijnen 2021-2024, die uiterlijk in november 2019 door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Deze hoofdlijnen bevatten tevens een financieel kader dat de hoogte van de totale kunstenplansubsidie weergeeft en de verdeling van dat budget tussen de A-Bis en het Amsterdams Fonds voor de Kunst (AFK). De hoogte van de subsidies aan de individuele instellingen in de A-Bis worden in 2020 vastgesteld bij de behandeling van het kunstenplan. Dit gebeurt eveneens op advies van de AKr. Het AFK stelt zelf de hoogte van de subsidies vast middels een beschikking en keert deze subsidies ook zelf uit.

 


1. Bijlage 1: Adviesaanvraag samenstelling Amsterdamse Basisinfrastructuur 2021-2024.

1. Achtergrond

Kunstenplan 2013-2016
Een culturele basisinfrastructuur bestaat uit functies die samen een fundament leggen waar de (gesubsidieerde) sector op gebouwd kan worden. Amsterdam heeft daar in 2012 een begin mee gemaakt. In het kunstenplan 2013-2016 waren achttien instellingen op naam toegelaten in het kunstenplan en waren er tien functies aangeduid, die in sommige gevallen door  meerdere instellingen vervuld werden. De basisinfrastructuur, of functionele ruimte (op naam en niet op naam), bevatte 35 instellingen in de periode 2013-2016. Samen kregen deze instellingen 69 miljoen euro subsidie. De overige 106 instellingen zaten in de ‘vrije ruimte’; hiervoor was ruim 13 miljoen euro beschikbaar.

 

Kunstenplan 2017-2020
Voorafgaand aan de periode 2017-2020 is een stelselwijziging doorgevoerd en verviel de functionele ruimte. Er werden zeventien instellingen plus vier cultuurhuizen op naam in de A-Bis geplaatst, de overige instellingen konden hun aanvraag indienen bij het fonds. Het gevolg was een verschuiving binnen het financiële kader: de A-Bis ging van 69 miljoen euro naar 62 miljoen euro en het AFK ging een vierjarige regeling uitvoeren, die in feite de vrije ruimte en een deel van de functionele ruimte omvatte met een budget van 21 miljoen euro.

Het verschil tussen de A-Bis en het AFK ligt vooral in de rol en positie van de gemeenteraad. Het AFK voert een opdracht uit van de gemeente en is een zelfstandige entiteit op afstand van de politiek. Subsidies in de A-Bis worden toegedeeld op advies van de kunstraad en verstrekt door de gemeente zelf. De wethouder legt voor de inhoud van haar keuzes verantwoording af aan de gemeenteraad. Het is daarom niet meer dan logisch dat de instellingen die zich in het hart van het nieuwe beleid bevinden onder de directe verantwoordelijkheid van de gemeenteraad vallen.

2. KUNSTENPLAN 2021-2024 – DE A-BIS

Een gelijkwaardig kunstenplan
De kunstraad hecht aan gelijke behandeling van kunstenplaninstellingen. De kunstraad ziet voor de periode 2021-2024 een kunstenplan met kleine, grote en middelgrote instellingen die voor een periode van vier jaar subsidie krijgen van de gemeente Amsterdam – zoveel mogelijk onder dezelfde voorwaarden. Een kunstenplan waarin de integraliteit voorop staat, is ook een solidair en rechtvaardig kunstenplan. De kunstraad adviseert daarom dezelfde (instap)eisen te stellen aan A-Bis instellingen en AFK-instellingen. Alle instellingen die subsidie ontvangen, worden op dezelfde gronden beoordeeld en bevraagd op hun plek in het ecosysteem en hebben allemaal een verantwoordelijkheid naar de stad toe.

 

Uitgangspunten A-Bis
In de Verkenning van januari 2019 heeft de kunstraad een aantal uitgangspunten voor de nieuwe verdeling tussen A-Bis en AFK geschetst: voor de kunstraad is het belangrijk dat de A-Bis de veelkleurigheid, de dynamiek en het kosmopolitische karakter van Amsterdam representeert. De A-Bis moet flexibel, dynamisch én institutioneel zijn. Als culturele infrastructuur moet de nieuwe A-Bis een fundament zijn waar initiatieven op aan kunnen haken. De nieuwe A-Bis is als een web uitgespannen over de hele stad, waarin de belangrijkste Beleidsdoelstellingen zijn geborgd.

Wethouder Meliani noemt in haar contourenbrief van 14 mei 2019 voorwaarden waar A-Bis instellingen aan moeten voldoen en herhaalt deze in haar adviesaanvraag. Deze voorwaarden zijn vrijwel gelijk aan de criteria die vier jaar geleden zijn opgesteld ter onderbouwing van de keuzes die de toenmalige wethouder ten aanzien van de samenstelling van de A-Bis had gemaakt. Over die criteria is destijds veel ophef ontstaan, omdat een aantal instellingen die niet in de A-Bis werd opgenomen naar eigen zeggen wel voldeed aan deze toelatingscriteria.

Toepassen van de criteria uit de contourenbrief zou leiden tot een A-Bis die in het geheel niet representatief is voor Amsterdam, zowel wat betreft inwoners als spreiding over de stad. [2] De kunstraad meent dat een evenwichtige verdeling van alle kunstenplaninstellingen over de A-Bis en het AFK niet gebaat is bij Onderscheidende criteria die van de A-Bis instellingen ‘betere’ instellingen maakt dan de AFK-instellingen.

 

Een strategische A-Bis
De kunstraad maakt een strategische keuze. De kunstraad bekijkt de A-Bis als geheel en hanteert daarom géén toetredingscriteria of selectiecriteria die algemeen geldig zijn voor alle instellingen afzonderlijk. Voor de periode 2021-2024 adviseert de kunstraad instellingen in de A-Bis op te nemen op grond van de functie die zij vervullen.

De A-Bis in zijn geheel bestrijkt zo veel mogelijk de gehele stad, waarin kleine, middelgrote en grote instellingen samen een fraai palet vormen, een staalkaart van kleuren en smaken in de stad. De verschillende disciplines zijn in de A-Bis vertegenwoordigd, evenals opkomende genres. De A-Bis is een vertaling van de beleidsagenda van wethouder Meliani en sluit aan op het landelijke beleid. Samen vormen de A-Bis instellingen het fundament van kunst en cultuur in de stad in de komende kunstenplanperiode. Wat de kunstraad betreft vormen zij een formatie waarbij over vier jaar bij gewijzigd beleid wederom ruimte is voor beweging.

 

De A-Bis als geheel

Voor de kunstraad is het uitgangspunt bij het samenstellen van de A-Bis niet een set van toetredingsvereisten, maar een omschrijving waar de totale A-Bis aan moet voldoen.
De A-Bis is goed gespreid over de stad en biedt ruimte aan alle disciplines.

  • De A-Bis bevat internationale topinstellingen
  • De A-Bis bevat funderende instellingen
  • De A-Bis sluit aan op het landelijk beleid
  • De A-Bis is representatief voor de Amsterdamse beleidsdoelstellingen kunst en cultuur 2021-2024

 

De A-Bis voldoet in zijn geheel aan bovengenoemde uitgangspunten. De kunstraad kiest er dus nadrukkelijk voor géén selectiecriteria te hanteren waar alle individuele A-Bis instellingen aan moeten voldoen.

 

Wegingsfactoren

 

Internationale topinstellingen 
De internationale topinstellingen die in Amsterdam gevestigd zijn, genieten mondiaal aanzien en zetten Amsterdam op de culturele wereldkaart. Het is landelijk beleid de Vooraanstaande internationale positie van de topinstellingen te handhaven. Daar sluit de kunstraad zich, ook als het gaat om de invulling van de A-Bis, bij aan.

 

Funderende instellingen
De stad verandert in snel tempo. Om instellingen in staat te stellen telkens weer aansluiting te vinden bij nieuwe ontwikkelingen, is de vierjarige kunstenplancyclus ontworpen. Na een toedeling van beschikbare gelden staat de subsidie voor een periode van vier jaar vast. Nu het AFK een belangrijk deel van het kunstenplan uitvoert, is er via dit fonds een tussentijdse instroom mogelijk (tweejarige regeling). Het fonds heeft de taak om voor doorstroom en vernieuwing te zorgen, maar draagt evenzeer de verantwoordelijkheid voor de continuïteit van erfgoedinstellingen en een aantal ‘funderende’ instellingen. Hieronder verstaat de kunstraad instellingen die een sleutelrol spelen in het ecosysteem van de gesubsidieerde cultuur in de stad. Wat betreft de verdeling van funderende instellingen over de A-Bis en het AFK kiest de kunstraad voor continuïteit. De funderende instellingen die nu in de A-Bis zitten, blijven in de A-Bis. Hetzelfde geldt voor funderende instellingen bij het fonds, deze blijven bij het fonds.

 

Aansluiting op landelijk beleid
Een uitbreiding van de huidige A-Bis van 20 instellingen [3]  is enigszins vergelijkbaar met de ontwikkelingen in het landelijke cultuurbeleid. Ten gevolge van de beleidsprioriteit ‘spreiding van cultuuraanbod over het land’ bepleitte de Raad voor Cultuur een vergroting van de Basisinfrastructuur (BIS). Minister Van Engelshoven heeft dit advies in grote lijnen overgenomen. Dit betekent dat enkele Amsterdamse instellingen, die nu van het AFK subsidie ontvangen en van een van de landelijke fondsen, straks in de BIS terecht komen. Met het oog op een goede samenwerking tussen de kunst- en cultuurwethouder van Amsterdam, die de voortrekker is van de G4, de G9 en de G20, en de minister van OCW, adviseert de kunstraad Amsterdamse instellingen die in aanmerking komen voor de landelijke basisinfrastructuur waar mogelijk ook in de Amsterdamse A-Bis op te nemen. [4] De administratieve lastendruk voor deze instellingen die van de stad en het Rijk subsidie ontvangen, wordt daarmee gereduceerd.

 

Amsterdamse beleidsprioriteiten
In haar contourenbrief heeft de wethouder een zwaar beleidsaccent gelegd op inclusiviteit, diversiteit en spreiding van aanbod over de stad. De kunstraad heeft in de Verkenning 2019 zelf ook het belang van deze thema’s aangegeven. Een cultuursector die te weinig representatief is voor de bevolking van Amsterdam, dreigt op termijn draagvlak te verliezen. In het advies Kunst, Culturele Diversiteit en Inclusiviteit in Amsterdam – de volgende stap, dat tegelijk met dit advies verschijnt, komt de kunstraad met 21 concrete aanbevelingen om het kunstenplan inclusiever te maken en een nieuwe generatie creatieve makers meer kansen te bieden.

De beleidsprioriteiten van het vorige college en van het huidige college verschillen in grote mate. Op dit moment is de A-Bis ondanks de aanwezigheid van vier cultuurhuizen nog niet erg representatief voor het nieuwe cultuurbeleid. Om de belangrijkste beleidsdoelstellingen te borgen, adviseert de kunstraad de A-Bis uit te breiden met een aantal middelgrote en kleine instellingen, met bewezen prestaties op het gebied van diversiteit.

 

A-Bis op naam
De kunstraad adviseert een A-Bis op naam, met een uitbreiding van de A-Bis naar 36 instellingen. [5] De landelijke basisinfrastructuur wordt door de Raad voor Cultuur en door de minister beschreven in functies. De Amsterdamse Kunstraad ziet veel voordeel in deze objectivering. Het is makkelijker voor de gemeenteraad om te debatteren over het belang van bepaalde functies voor de stad dan over de noodzaak bepaalde spelers te subsidiëren. Een A-Bis op functies openstellen voor alle aanvragers brengt echter praktische bezwaren met zich mee. Procedureel moet het AFK wachten totdat de besluitvorming over de A-Bis heeft plaats gevonden. Het ondergraaft de gelijkwaardigheid van A-Bis en AFK; aanvragers doen eerst een poging om in de A-Bis te komen en als dat een negatief advies oplevert, zou het AFK de ‘tweede optie’ zijn.

Bij de samenstelling van de A-Bis in 2015 is afgesproken dat de A-Bis niet in beton gegoten is. Stichting Tolhuistuin, die in de huidige A-Bis is opgenomen, is bezig met een herpositionering waarbij de instelling zich meer op de tuin richt dan op de (grote) zalen in het paviljoen Tolhuistuin. De nieuwe koers – waaronder het beter bedienen van de bevolking in Amsterdam-Noord – is net ingezet en de instelling moet zich, samen met de partners in huis en in Noord, opnieuw uitvinden. [6] Met het nieuwe Tolhuistuin kan een koepel ontstaan voor instellingen die al actief zijn in Noord. De kunstraad is van mening dat deze samenwerkingen het beste tot stand kunnen komen bij het AFK.

 


2. Zie ook het advies Kunst, Culturele Diversiteit en Inclusiviteit in Amsterdam – de volgende stap, Amsterdamse Kunstraad, juli 2019.
3. Toneelgroep Amsterdam en Stadsschouwburg Amsterdam zijn in deze periode gefuseerd, het officiële aantal A-Bis instellingen is daarom 20.
4. De landelijke BIS wordt op functie samengesteld en niet op naam. In de meeste gevallen is wel duidelijk welke instellingen in aanmerking komen voor de functies.
5. Zie hoofdstuk 4 voor de uitwerking.
6. Zie ook Tussentijdse Evaluatie Cultuurhuizen, Amsterdamse Kunstraad, juli 2019.

3. KUNSTENPLAN 2021-2024 – INTEGRAAL

Functies in het hele stelsel
Functies in het hele stelsel zijn belangrijk voor het cultuurprofiel van de stad. Op basis van de Verkenning 2019 ziet de kunstraad een aantal functies die goed bij het AFK passen. Het gaat om nieuwe plekken voor talentontwikkeling in de vorm van een productiehuisfunctie voor dans en voor film, video en storytelling en een middenzaal in de beeldende kunst.
Voor deze functies geldt dat er op dit moment geen of juist meerdere kandidaten voor zijn of initiatieven die nog in de opstartfase zitten. Nieuwe initiatieven kunnen vanzelfsprekend voor een subsidie een aanvraag indienen bij het AFK. Om het mogelijk te maken dat nieuwe aanvragers toegang krijgen tot de vierjarige subsidie, is het van belang dat het AFK geen toetredingscriteria in de vierjarige regeling opneemt die een belemmering zijn voor nieuwe instellingen, zoals de eis dat de instelling reeds een aantal jaar bestaat.

 

Innovatiesubsidie
Een nieuw instrument van het AFK in het kader van het huidige kunstenplan is de innovatiesubsidie, beschikbaar voor de vierjarig door het AFK gesubsidieerde instellingen en de vier cultuurhuizen in de A-Bis. Deze projectsubsidie voor innovatie is in het leven geroepen om instellingen financiële ruimte te geven om te experimenteren met nieuwe ontwikkelingen die voor hun eigen toekomst en die van de sector van belang zijn.

De kunstraad adviseert in de periode 2021-2024 een nieuw innovatiebudget te reserveren met geld van de A-Bis en het AFK samen. Dit innovatiebudget moet open staan voor een deel van de A-Bis, te weten alle instellingen die minder dan vijf miljoen euro subsidie per jaar ontvangen (landelijke en gemeentelijke subsidie samen). Gelijke toegang tot dit innovatiebudget bevordert de integraliteit van het kunstenplan.

 

Cluster cultuureducatie
Instellingen die binnenschoolse cultuureducatie aanbieden, zoals Muziekschool Amsterdam, Muziekcentrum Aslan en het Leerorkest, maken geen deel uit van de A-Bis maar zijn ondergebracht in een cluster cultuureducatie. De kunstraad is blij dat het college een verbreding van het Basispakket Kunst- en Cultuureducatie tot multi- of interdisciplinair voorstaat. [7]

Ook het cluster cultuureducatie moet verbreed worden en alle disciplines vertegenwoordigen. Als criterium om in het cluster opgenomen te worden formuleert de kunstraad: ‘De organisatie moet zich primair richten op educatie en moet beschikken over een integrale visie op de cultuureducatie, waarbij zij zich richt op kennismaken, ontwikkelen en bekwamen.’ Kunstenplaninstellingen in deze categorie moeten voor hun aanbod binnen het Basispakket Kunst- en Cultuureducatie (binnenschools) aanvragen in kunnen dienen bij het cluster en voor hun overige activiteiten (buitenschools) bij het AFK.

De kunstraad ziet met het cluster een goede manier om voor cultuur én onderwijs een gezamenlijk beleid te formuleren. In samenhang met het nieuwe onderwijscurriculum waar cultuureducatie een grotere rol in gaat spelen, vindt de kunstraad het noodzakelijk dat onderwijs gaat meebetalen aan het cluster cultuureducatie.

Het cluster is nu een apart onderdeel binnen het kunstenplan. Vier jaar geleden is de beoordeling van de subsidieaanvragen van deze instellingen door de gemeente uitgevoerd. De kunstraad pleit er voor om de afstemming tussen het cluster cultuureducatie en het kunstenplan te waarborgen, en benadrukt dat de advisering onafhankelijk moet zijn.

 

Cultuurhuizen
Zoals uit de Tussentijdse Evaluatie Cultuurhuizen blijkt, zijn er grote verschillen tussen de vier cultuurhuizen in de A-Bis. De benaming ‘cultuurhuizen’ wijst wel op een zekere gemeenschappelijkheid. In het coalitieakkoord Een nieuwe lente, een nieuw geluid zijn de ‘cultuurhuizen’ opgenomen als plekken die helpen de cultuur te spreiden over de stad.De term cultuurhuizen heeft hen in de praktijk wellicht dichter bij elkaar gebracht. Er is een programmeursoverleg van de vier cultuurhuizen en op dit moment zijn ze samen opdrachtgever van een publieksonderzoek dat zij uitvoeren met subsidie van het AFK.

Het nadeel van deze betiteling is dat het de podia op afstand zet van de overige podia in de stad, omdat zij als ‘anders’ aangeduid worden. Het ‘toegevoegd worden’ aan de A-Bis hebben de cultuurhuizen zelf ervaren als toetreding tot een B-categorie (de B-Bis). Het feit dat deze podia meer aandacht besteden aan diversiteit en andere perspectieven plaatst hen juist in de voorhoede van instellingen die inclusief en toekomstgericht zijn. Ze doen dat niet als groep, maar elk vanuit de eigen unieke positionering en achtergrond. Het apart zetten van de instellingen en ze als separate groep cultuurhuizen te beschouwen (omdat zij in 2015 niet aan alle door de wethouder opgelegde criteria voor de A-Bis voldeden), is misschien noodzakelijk geweest in een vorige fase, maar is volgens de kunstraad niet meer nodig. Nu het cultuurbeleid gericht is op alle delen van de stad, en diversiteit een belangrijke beleidsdoelstelling is, kan de term cultuurhuizen wat de kunstraad betreft het beste vervallen.  Het cluster is nu een apart onderdeel binnen het kunstenplan. Vier jaar geleden is de beoordeling van de subsidieaanvragen van deze instellingen door de gemeente uitgevoerd. De kunstraad pleit er voor om de afstemming tussen het cluster cultuureducatie en het kunstenplan te waarborgen, en benadrukt dat de advisering onafhankelijk moet zijn.

 

Vijf miljoen euro extra
De wethouder heeft in de contourenbrief melding gemaakt van drie nieuwe culturele voorzieningen in de wijken Nieuw-West, Noord en Zuidoost. Voor deze voorzieningen is vanaf 2023 op basis van een eerste berekening 2,9 miljoen euro nodig. Het coalitieakkoord voorziet in vijf miljoen euro extra bij de start van het Kunstenplan 2021-2024. In de financiële paragraaf in de hoofdlijnennota zal de budgetverdeling tussen A-Bis en AFK nader worden uitgewerkt. De kunstraad adviseert een deel van de extra middelen te reserveren voor het innovatiebudget bij het AFK waar ook A-Bis instellingen die in totaal minder dan vijf miljoen euro structurele subsidie ontvangen, gebruik van kunnen maken.

 

 


7. Contouren Kunstenplan 2021-2024.

4. A-BIS 2021-2024 OP VOORDRACHT VAN DE AMSTERDAMSE KUNSTRAAD

De kunstraad heeft als uitgangspunt bij het samenstellen van de A-Bis niet gekozen voor een set toelatingseisen, maar geeft een omschrijving waar de totale A-Bis aan moet voldoen: de A-Bis bevat internationale topinstellingen, funderende instellingen in de stad, instellingen die in de landelijke BIS zitten of (waarschijnlijk) zullen komen en instellingen met bewezen prestaties op het gebied van de beleidsdoelstellingen kunst en cultuur 2021-2024. Per categorie bespreekt de kunstraad deze instellingen kort. Voor veel van deze instellingen geldt dat ze tot meerdere categorieën behoren.

De A-Bis bevat internationale topinstellingen die in Amsterdam zijn gevestigd

 

Stedelijk Museum Amsterdam
Stedelijk Museum Amsterdam is een vooraanstaand museum voor moderne en hedendaagse kunst en vormgeving. Mede op basis van de bijzondere en toonaangevende collectie kan het museum veel internationale coproducties realiseren. De randprogrammering en het educatieprogramma versterken de binding met de stad, zo hebben bijvoorbeeld de Blikopeners geholpen het enigszins naar binnen gekeerde museum open te zetten. Met Studio I, een samenwerking met het Van Abbemuseum  levert het museum een bijdrage aan het inclusief maken van de museumsector.

 

Nationale Opera & Ballet
Nationale Opera & Ballet (NO&B) creëert en presenteert opera en ballet op topniveau. De artistieke kwaliteit van de producties is onbetwist, NO&B staat internationaal in hoog aanzien. De gemeente Amsterdam financiert het podium, dat geopend werd in 1986, en deels ook het balletgezelschap. De Rijksoverheid subsidieert De Nationale Opera en een deel van Het Nationale Ballet. Het Nationale Ballet brengt klassiek, modern en hedendaags repertoire. De Junior Company is de springplank voor jonge, talentvolle balletdansers en legt een verbinding tussen de opleiding en een professioneel gezelschap. Met de Junior Company toert Het Nationale Ballet door het land.

 

ITA
Internationaal Theater Amsterdam (ITA) is voortgekomen uit een fusie van Stadsschouwburg Amsterdam en Toneelgroep Amsterdam. ITA opereert op internationaal, landelijk en stedelijk niveau. Het ensemble onder leiding van artistiek directeur Ivo van Hove staat internationaal hoog aangeschreven. ITA is nog volop bezig nieuwe verbindingen aan te gaan met de stad onder meer in samenwerking met Theater de Meervaart en het Amsterdamse Bostheater. Met perspectief programma’s en een talent centre wil ITA een jong publiek aan zich binden.

 

Koninklijk Concertgebouworkest
Al 130 jaar behoort het Koninklijk Concertgebouworkest tot de absolute wereldtop, vanwege de befaamde orkestklank, die volgens critici uit duizenden herkenbaar is. De invloed van de chef-dirigent en de musici is daarin van groot belang. Sinds de oprichting van het Concertgebouworkest in 1888 zijn er zeven chef-dirigenten geweest. Momenteel is het orkest, na het vertrek van Daniele Gatti en aanstaande vertrek van Jan Raes, op zoek naar een chef-dirigent en algemeen directeur. De gehele breedte van orkestmuziek wordt in het repertoire van het orkest vertegenwoordigd. Begin dit jaar werd het RCO House geopend: een ontmoetingsplek voor iedereen die bij het orkest betrokken is. In dit eigen huis van het orkest zijn repetitiestudio’s, een ensemblezaal voor educatie en kamermuziek, kantoren en ontvangstruimtes te vinden.

 

Foam
Fotografiemuseum Amsterdam (Foam) is een platform voor fotografie. De volle breedte van de fotografie wordt belicht, van ambachtelijkheid tot actuele ontwikkelingen. In de tentoonstellingen is aandacht voor werk van jonge talenten tot internationaal gerenommeerde namen. Foam heeft ook een eigen collectie. Foam heeft zich mede door Foam Magazine ontwikkeld tot een wereldwijd erkende talentscout. Foam bevindt zich in het hart van de internationale fotografiegemeenschap en organiseert geregeld projecten in het buitenland. Met pop-up tentoonstellingen op tal van plekken in de stad heeft het museum laten zien in te spelen op kansen.

 

Holland Festival
Holland Festival is het grootste internationale podiumkunstenfestival van Nederland. Jaarlijks brengt het op diverse locaties in Amsterdam aanbod van naam en faam dat alle disciplines binnen de podiumkunsten bestrijkt en over de grenzen van de podiumkunsten heen kijkt. Het festival schuwt experimenteel en avontuurlijk werk niet en toont producties uit verschillende landen en culturen. Met zijn programma speelt Holland Festival in op maatschappelijke vraagstukken en actuele thema’s, zoals democratie of grenzen en scheidslijnen.

 

IDFA
International Documentary Film Festival Amsterdam (IDFA) is uitgegroeid tot een van de belangrijkste internationale documentairefestivals ter wereld en biedt een pluriform aanbod van (creatieve) documentaires van hoge kwaliteit, waar documentaireliefhebbers en professionals van over de hele wereld op af komen. Met DocLab biedt IDFA ruimte aan de nieuwste digitale documentaire ontwikkelingen. Naast het festival biedt IDFA een ruim programma voor professionals, waarmee IDFA in alle mogelijke stadia bijdraagt aan de ontwikkeling van filmmakers en hun films. Dit jaar vindt de 32e editie van het festival plaats.

De A-Bis bevat funderende instellingen in de stad

 

Amsterdam Museum
Het Amsterdam Museum, gewijd aan het heden en het verleden van de stad, is uitgegroeid tot een netwerkmuseum met veel samenwerkingspartners in de stad. Het museum is specialist in het uitwerken van historische thema’s op laagdrempelige wijze. Met een verbouwing van de hoofdvestiging in het vooruitzicht en de plannen voor een dependance in Nieuw-West versterkt het museum zijn positie. Het Amsterdam Museum beheert een grote, veelzijdige collectie bijzondere objecten. Op het gebied van educatie/onderwijs heeft het Amsterdam Museum (mede) de digitale onderwijstool Groeistad9 ontwikkeld, waarin verschillende instellingen samen de geschiedenis van Amsterdam zichtbaar maken. Daarnaast is het museum trekker in het ontwikkelen van een leerlijn Erfgoed en identiteit.

 

Muziekgebouw aan ’t IJ
Muziekgebouw aan ’t IJ is een internationaal opererende instelling met een bescheiden productiehuisfunctie, die directeur Maarten van Boven in de volgende kunstenplanperiode wil uitbouwen. Het podium is toonaangevend, open en gastvrij en excelleert in het programmeren van hedendaagse muziek. Daarnaast presenteert het daaraan gerelateerde genres zoals klassieke muziek, jazz, elektronische popmuziek en wereldmuziek. Muziekgebouw aan ’t IJ is ook de plek waar festivals als Strijkkwartet Biënnale Amsterdam, het Ligeti Festival en de Cello Biënnale Amsterdam plaatsvinden. Deze festivals brengen veel publiek binnen.

 

 

Theater de Meervaart
In Nieuw-West neemt Theater de Meervaart een unieke positie in. Geworteld in de buurt presenteert het theater een breed en toegankelijk aanbod, met onder meer ruimte voor cabaret en vrije producties. Met als doel in te spelen op een publieksbehoefte voegt De Meervaart sinds 2017 eigen producties toe aan het programma. Het theater biedt plek aan vijf huisgezelschappen: ICKamsterdam, Stichting Pels van Jakop Ahlbom, Amsterdams Andalusisch Orkest, De Verlichting van Floris van Delft en George en Eran Producties. Naast het theater is er ook de Meervaart Studio voor educatieve activiteiten en talentontwikkeling en de commerciële tak Meervaart Congres&Events. De Meervaart heeft plannen voor nieuwbouw.

 

Bijlmer Parktheater
Het Bijlmer Parktheater brengt een breed cultureel aanbod in Amsterdam Zuidoost. De podiumprogrammering wordt geselecteerd op basis van artistieke kwaliteit, zeggingskracht van verhalen uit de bronlanden en de cultureel diverse achtergrond van makers. Het Bijlmer Parktheater werkt samen met inwonende instellingen als Jeugdtheaterschool Zuidoost, 5 O’Clock Class van de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten en Untold en met externe partners zoals Orkater, VIG, Eye Filmmuseum en het Bimhuis. Het theater vervult een voortrekkersrol op het gebied van culturele diversiteit. Dit komt niet alleen tot uiting in de programmering, maar ook in het werknemersbestand en het bestuur en de samenwerkingspartners.

 

Het Koninklijk Concertgebouw
Het Koninklijk Concertgebouw is de belangrijkste concertzaal voor klassieke muziek van Nederland en is van grote betekenis voor de stad. Het is de thuishaven van toporkesten, maar ook toegankelijk voor amateurgezelschappen. Internationaal is het concertgebouw actief op het gebied van uitwisseling van kennis en expertise met buitenlandse grote concertpodia. Op het vlak van educatie heeft het Concertgebouw de krachten gebundeld met het NedPho|NKO, NO&B, Bimhuis, Orkaan en Muziekgebouw aan ‘t IJ. Zij verenigen hun aanbod in de Alliantie Muziekeducatie Amsterdam (AMA).

 

Bimhuis
Het Bimhuis is het eerste jazzpodium van Nederland. Een jazzpodium van statuur, geworteld in de radicale en vooraanstaande muzikantenscene van de jaren 70 van de vorige eeuw. Jazz is één van de belangrijkste genreoverstijgende en vernieuwende krachten binnen de huidige muziekwereld. In zijn programmering speelt het Bimhuis in op een veranderend veld: de instelling wil meer ruimte vrij maken voor talentontwikkeling. Bimhuis Productiehuis werd opgericht voor excellent toptalent en in september 2019 vindt in het Bimhuis het internationale) talentfestival 12 Points plaats.

 

De Balie
De Balie is (pro)actief en agenderend. De Balie organiseert programma’s rond kunst, cultuur, politiek en maatschappelijk actuele thema’s. De Balie koppelt kunst aan debat, zowel door een podium te bieden als door (mede) producent te zijn. Binnen het debatprogramma wil De Balie speciale aandacht geven aan (geo)politiek, economie, journalistiek, rechtsstaat, onderwijs, Europa, voedsel en milieu. Naast podiumprogrammering biedt De Balie verdieping met De Balie TV, De Balie podcast en het Magazine. Met het talentenprogramma STUDIO wil De Balie het publieke debat voorzien van nieuwe, geïnformeerde stemmen.

 

ICKamsterdam
Internationaal Choreografisch Kunstencentrum Amsterdam (ICKamsterdam) is sinds 2017 het stadsgezelschap dans van Amsterdam. Dit platform voor hedendaagse dans, geleid door Emio Greco en Pieter C. Scholten, is huisgezelschap van Theater de Meervaart. Amsterdam NieuwWest is de basis voor nationale en internationale projecten en tournees. ICKamsterdam werkt samen met Meervaart Jong in activiteiten op het gebied van talentontwikkeling, onderzoek, educatie en uitwisseling en het jaarlijks dansfestival: ICKFEST. ICKamsterdam heeft een interessant educatief aanbod dat onder meer gericht is op het vmbo.

 

Paradiso
Paradiso is een begrip in de Nederlandse popwereld. Het poppodium en nachtclub in een voormalige kerk aan het Leidseplein, met programma’s en een bereik over de hele stad, programmeert breed muziek. Ook organiseert Paradiso evenementen, van politieke debatten tot modeshows, wetenschappelijke discussies en boekpresentaties en vinden er diverse festivals plaats. Paradiso programmeert met succes in de Tolhuistuin, waarmee het podium een ‘middenzaal’ heeft gekregen in de keten van de eigen talentontwikkeling. Na ‘Paradiso Noord’ is het poppodium van plan ook een dependance in Nieuw-West te openen.

 

CBK Zuidoost
CBK Zuidoost, een presentatie-instelling met kunstuitleen, is in haar 32-jarig bestaan van groot belang geweest voor kunstenaars in Zuidoost. De programmering toont autonome artistieke kwaliteit en interculturele perspectieven. CBK Zuidoost is een interessante strategisch partner voor musea en presentatie-instellingen elders in de stad. De instelling geeft workshops, richt zich met kunst op kinderen uit de buurt en heeft een breed publieksbereik. CBK Zuidoost werkt met Imagine IC en Bijlmer Parktheater samen aan het versterken van de culturele infrastructuur in Zuidoost.

 

Pakhuis de Zwijger
Pakhuis de Zwijger is een belangrijk platform voor creatie en innovatie in de stad. In het voormalig koelpakhuis fungeert het als thuishaven voor de creatieve industrie en stadsmakers door in te spelen op de vier disruptieve trends van toenemende urbanisatie, klimaatverandering, digitalisering en migratie. Pakhuis de Zwijger werkt volgens de zogeheten Amsterdamse Aanpak. Het zet alle betrokken stakeholders bij elkaar om samen te komen tot nieuwe ontwerpen, innovatieve werkwijzen en alternatieve financiering om samen een duurzame, slimme, gezonde, veilige en vooral leefbare en inclusieve stad van de toekomst te maken. Pakhuis opende een dependance in Nieuw-West en is betrokken bij initiatieven elders in de stad.

De A-Bis bevat instellingen die in de landelijke BIS zitten of komen

Frascati
Het grootstedelijke (inter)nationale productiehuis Frascati presenteert en produceert vernieuwend multidisciplinair theater en beschikt over vier zalen. Frascati toont zowel toonaangevend werk van meer gevestigde makers als van jong talent, dat door het huis begeleid wordt. Produceren en presenteren zijn voor Frascati onlosmakelijk verbonden met reflecteren, waarbij maatschappelijke thema’s in relatie tot de stad een belangrijke rol spelen, zoals in Frascati Issues. De (on)vertelde stad is de nieuwe programmalijn van Frascati, waarin de makers samenwerken met inwoners maar ook met de instellingen die een centrale rol spelen in het vormgeven van de stad van morgen, zoals een woningcorporatie, een belangenvereniging of een jeugdpsychiatrische instelling.

 

De Toneelmakerij
Het geëngageerde jeugdtheatergezelschap de Toneelmakerij maakt interdisciplinair theater voor alle leeftijdsgroepen. Taal, als verbindende kracht, speelt een belangrijke rol in het vaak actuele werk van de Toneelmakerij. Sinds 2019 neemt Paul Knieriem het artistiek leiderschap voor zijn rekening. Voorstellingen van de Toneelmakerij zijn te zien in verschillende theaterzalen, op school en op locatie en in de wijken van de stad. Na het succes van de productie De Krijtkring zijn er opnieuw ambitieuze plannen voor de grote zaal. Samen met Silbersee presenteert de Toneelmakerij komend najaar voor het tweede achtereenvolgende jaar een grote familievoorstelling.

 

Cinekid
Cinekid is een (inter)nationaal gerenommeerd jeugdfilmfestival. Naast de filmprogrammering onderscheidt Cinekid zich met het Medialab, waar nieuwe interactieve audiovisuele technieken door kinderen worden ervaren. Al ruim 30 jaar zet Cinekid zich in om kinderen actief te betrekken bij kwalitatief hoogstaande media met als doel kinderen met een kritische blik naar media te leren kijken en hun wereldbeeld te vergroten. Cinekid start in 2019 een pilotproject om een concrete aanzet te geven tot het inbedden van filmeducatie & mediakunst in het curriculum.

 

Amsterdam Sinfonietta
Het muziekensemble Amsterdam Sinfonietta behoort tot de internationale top in zijn genre en is vaste bespeler van Muziekgebouw aan ’t IJ. Met Kleutersinfonietta bereikt het ensemble kinderen in alle wijken van de stad, ook kinderen met een beperking. De tournee biedt meer dan klassieke muziek, het orkest werkte eerder samen met artiesten als Typhoon en Blaudzun en trekt hiermee jaarlijks een jong en divers publiek. Amsterdam Sinfonietta reist de hele wereld over. In de afgelopen jaren maakte het ensemble tournees door Europa, China, Amerika en Australië.

 

Nederlands Blazers Ensemble
Het Nederlands Blazers Ensemble (NBE) combineert eigentijdse en oude muziek van alle soorten en maten die de verbeelding prikkelt. Ruim twintig topmusici spelen bijzondere theatrale muziekprogramma’s in binnen- en buitenland, zoals tijdens staatsbezoeken in Azië. Daarbij wordt altijd gezocht naar samenwerkingen met musici uit andere culturen. Ook worden regelmatig verbindingen aangegaan met andere disciplines. In het tweejarige programma jongNBE worden net afgestudeerde of nog aan een conservatorium studerende toptalenten gecoacht richting beroepspraktijk. NBE is huisbespeler van Podium Mozaïek.

 

Asko|Schönberg
Asko|Schönberg fungeert, net als de andere Amsterdamse ensembles die in aanmerking komen voor een plek in de landelijke basisinfrastructuur, als ambassadeur voor de Amsterdamse en Nederlandse ensemblemuziek. Asko|Schönberg heeft met partners, waaronder het Muziekgebouw en het Koninklijk Conservatorium, de Ensemble Academie opgericht: een broedplaats voor talentvolle, nog studerende musici en componisten. Met het interactieve concert The Gender Agenda, gericht op leerlingen van Amsterdamse middelbare scholen, bewerkstelligt Asko|Schönberg een positievere houding tegenover verschillende identiteiten, belevingswerelden en achtergronden.

 

Danstheater AYA
Danstheater AYA richt zich met maatschappelijk betrokken danstheater, een mix van moderne en urban dansvormen, specifiek op een jong en gevarieerd publiek. AYA speelt op diverse locaties, en slaat met het coproduceren van groter opgezette producties sinds dit kunstenplan een nieuwe weg in. Het gezelschap wordt artistiek geleid door Wies Bloemen. Black Memories, een coproductie van AYA, Backbone en Tafel van Vijf, over ons slavernijverleden, is genomineerd voor de Zwaan voor meest indrukwekkende dansproductie 2019.

 

 

Eye Filmmuseum
Eye Filmmuseum (Eye) beheert, restaureert en presenteert een collectie van ruim veertigduizend films. De nadruk ligt op films en voorwerpen die iets zeggen over de Nederlandse film- en bioscoopcultuur. Eye beheert het cinematografisch erfgoed van Nederland: een internationaal toonaangevende collectie. Eye is een museum, een filmhuis, heeft een coördinerende educatiefunctie en voert een aantal sectorondersteunende taken uit. Eye wordt gesubsidieerd door het Rijk en zit in de landelijke BIS. Amsterdam betaalt slechts een klein deel van de totale subsidie van Eye. Deze bijdrage is bedoeld voor educatie en een netwerkfunctie in Noord.

 

Waag technology & society
Waag opereert al 25 jaar op het kruispunt van kunst, wetenschap en technologie. Waag bestaat uit de groepen make, code, learn en care. Daarin houdt de organisatie zich respectievelijk bezig met vraagstukken in de samenleving en ecologie, het stimuleren van technische emancipatie en democratisering van technologie, het ontwikkelen van eigentijdse educatie en interactie, en het onderzoeken en ontwikkelen van innovatieve concepten voor de zorg. Dit jaar is Waag gestart met planet B, een laboratorium voor de toekomst op het Amsterdam Science Park. Hier gaat een interdisciplinair gezelschap van kunstenaars, wetenschappers en technologie-ontwikkelaars op zoek naar de rol en de potentie van artificiële intelligentie.

 

Nederlands Philharmonisch Orkest | Nederlands
Kamerorkest (Nedpho|NKO) Onder de naam NedPho GO! organiseert het Nederlands Philharmonisch Orkest|Nederlands Kamerorkest (NedPho|NKO) sinds 2005 muziekbelevenissen voor kinderen, jongeren en volwassenen. De instelling investeert met muziekeducatie en actieve muziekbeoefening op succesvolle wijze in de toekomst van klassieke muziek en de individuele ontplooiing van de deelnemers. Hierbij is het ervaren en beleven van muziek middels actief luisteren, maar ook zelf musiceren essentieel. In samenwerking met (buurtgerichte) onderwijs- en cultuurpartners als het Leerorkest, het Instrumentendepot en Muziekcentrum Zuidoost, worden er programma’s voor educatie, outreach en talentontwikkeling ontwikkeld.

De kunstraad is zich ervan bewust dat de landelijke besluitvorming over de samenstelling van de Basisinfrastructuur 2021-2024 pas is afgerond in
september 2020.

De A-Bis bevat instellingen met staat van dienst op de beleidsdoelstellingen kunst en cultuur 2021-2024

 

Podium Mozaïek
Podium Mozaïek is een producerend en presenterend podium in Bos en Lommer met een veelzijdig, laagdrempelig en interessant programma. Het verbinden en ontmoeten van verschillende culturen speelt een essentiële rol, wat weerspiegeld wordt in de programmering en het cultureel diverse publiek. Huisgezelschappen en vaste bespelers van Podium Mozaïek zijn DEGASTEN, NBE, reART Collective en Theater Rast. Onder de vlag House of Hospitality creëert Podium Mozaïek in het restaurant een hybride leer/werk omgeving waarin nieuwkomers met een verblijfsvergunning een opleiding kunnen volgen.

 

Orkater
Orkater is een landelijk opererend Amsterdams gezelschap dat zich bezighoudt met alle mogelijke mengvormen van muziek, theater en beeldende kunst. Talentontwikkeling staat centraal bij dit gezelschap waar steeds weer nieuwe lichtingen professionele vrije muziek- en theatermakers een kans krijgen. Orkater is actief in het politiek-culturele debat en vervult al jaren een voorbeeldfunctie als cultureel werkgever. Orkater heeft langjarige samenwerkingen met onder meer Theater Bellevue, ITA, Bijlmer Parktheater, Via Berlin en het Amsterdamse Bostheater. Het succes van Woiski vs. Woiski, een coproductie met het Bijlmer Parktheater, straalt in hoge mate af op Orkater.

 

Imagine IC
Imagine IC onderneemt al twintig jaar participatief erfgoedwerk. Het museum opereert in en vanuit Zuidoost en bereikt doelgroepen die andere instellingen tot dusver nauwelijks weten te bereiken. Opgericht in tijden van multiculturalisme, verkende het in 2010 reeds de impact van superdiversiteit. Vandaag de dag is Imagine IC actief in de context van post-kolonialiteit. Imagine IC werkt samen met veel erfgoedpartners in de stad. In Amsterdam Zuidoost is de instelling samen met CBK Zuidoost en het Bijlmer Parktheater de trekker van nieuwe initiatieven.

 

Nowhere
Nowhere is een productiehuis voor jongerencultuur en talentontwikkeling. Nowhere ziet jonge Amsterdammers als de dragers van kunstzinnige en culturele vernieuwing en neemt hen daarin serieus. De instelling beperkt zich niet tot een discipline en put uit diverse tradities. Of het nu gaat om design in illustrator, breakdance, of waacking, creatieve jongeren vinden bij Nowhere waar ze naar op zoek zijn. Het succesvolle Poetry Circle bestaat inmiddels vijftien jaar. Vanuit de Amsterdamse Circle zijn netwerken opgezet in Rotterdam, Eindhoven en  andere steden.

 

Nationaal Museum van Wereldculturen (Tropenmuseum Junior)
Het eerste kindermuseum van Nederland, Tropenmuseum Junior, werd in 1975 opgericht. Het museum, onderdeel van het Nationaal Museum van Wereldculturen, stelt zichzelf ten doel om een open blik op de wereld bij kinderen te stimuleren, waarbij alle zintuigen aangesproken worden. In 2019 sloot het museum na drieënhalf jaar de geslaagde tentoonstelling Ziezo Marokko. Met programma’s in het museum ervaren bezoekers hoe inspirerend en verrijkend het is om je open te stellen voor verschillende culturen en kennis te maken met diverse perspectieven.

 

ISH Dance Collective
Het danscollectief ISH brengt urban disciplines, zoals hiphop, vogue, of extreme sports in verbinding met meer ‘traditionele’ kunstvormen en vervult hiermee een voortrekkersrol. Marco Gerris staat artistiek aan de basis van het danscollectief. Voorstellingen van ISH, vaak over maatschappelijke vraagstukken, worden gekenmerkt door multidisciplinariteit en grensvervaging. De culturele diversiteit van het gezelschap wordt weerspiegeld in het publiek. Met POWERED BY ISH begeleidt ISH nieuwe (urban) makers op maat. ISH heeft een goede band met Theater de Meervaart en kan mogelijk een rol spelen in de toekomstige, veel grotere Meervaart.

 

Urban Myth
Urban Myth vertrekt Urban Myth vertrekt in zijn (muziek)theatervoorstellingen vaak vanuit actuele en maatschappelijke vragen op het gebied van diversiteit. Onvertelde verhalen uit een gedeelde geschiedenis voor een zo divers en breed mogelijk en kleurrijk publiek krijgen bij Urban Myth een podium. De familievoorstelling Martin Luther King, in samenwerking met Theater de Krakeling en STIP theaterproducties, won van het voorjaar de Zilveren Krekel voor meest indrukwekkende jeugdtheaterproductie. Urban Myth is vast theatergezelschap bij ITA, waar regelmatig mee wordt samengewerkt. Het wordt artistiek geleid door regisseur Jörgen Tjon A Fong.

 

Framer Framed
Framer Framed startte in 2009 als project, met als doel de positie van transculturele kunst in Nederlandse kunstinstellingen ter discussie te stellen. Met onder meer unieke, onderscheidende tentoonstellingen probeert de instelling een postkoloniaal discours binnen de kunstwereld te ontwikkelen. De instelling wil een nieuwe kunstgeschiedenis formuleren die de traditionele verdeling tussen het westen en ‘de rest’ vervangt door een geschiedschrijving waarin de recente politieke, sociale en economische ontwikkelingen in beschouwing worden genomen. Centraal in de werkwijze van Framer Framed staat het betrekken van bezoekers en belanghebbenden bij het kritisch volgen van het museale beleid.